Ivo Belet

25e verjaardag Erasmus

30 01 2012

Dit jaar bestaat Erasmus, het meest succesvolle
studentenuitwisselingsprogramma ter wereld, 25 jaar. Dankzij dit programma
hebben sinds 1987 bijna drie miljoen studenten in het buitenland gestudeerd of
stage gelopen. Onder het motto “Erasmus: verandert levens en verruimt het
blikveld al 25 jaar” wordt vandaag de viering van het zilveren jubileum ingeluid door
Androulla Vassiliou, Europees commissaris voor onderwijs, cultuur, meertaligheid
en jeugdzaken. De Erasmus-mobiliteit vormt de kern van de strategie van de
Commissie om de jeugdwerkloosheid te bestrijden door meer nadruk te leggen op
de ontwikkeling van vaardigheden – deze kwestie wordt vandaag besproken door
de staatshoofden en regeringsleiders tijdens de informele Europese Raad.
Interview met Erasmus-ambassadeurs

“De impact van Erasmus is enorm, niet alleen voor individuele studenten, maar ook
voor de Europese economie in haar geheel. Door bij te dragen aan hoogwaardig
onderwijs en een modern hogeronderwijsstelsel, met sterkere banden tussen de
academische wereld en de werkgevers, helpt Erasmus om de discrepantie tussen
vraag en aanbod bij vaardigheden te verkleinen. Ook geeft het programma
jongeren het zelfvertrouwen en de nodige vaardigheden om te kunnen werken in
andere landen waar passende banen beschikbaar zijn, zodat zij niet afhankelijk zijn
van het aanbod in hun eigen land,” aldus voorzitter Barroso.

Commissaris Vassiliou voegde hieraan toe: “Erasmus is een van de grote
succesverhalen van de Europese Unie: het is ons bekendste en populairste
programma. Dankzij de uitwisselingen in het kader van Erasmus kunnen studenten
hun kennis van vreemde talen vergroten, hun aanpassingvermogen ontwikkelen en
zo hun kansen op een baan vergroten. Ook krijgen docenten en andere
medewerkers de gelegenheid om te zien hoe het hoger onderwijs in andere landen
functioneert en de beste ideeën mee naar huis te nemen. De vraag naar plaatsen is
in veel landen aanzienlijk groter dan het aanbod – dat is een van de redenen
waarom we de studie- en opleidingsmogelijkheden in het buitenland willen
uitbreiden in het kader van ons voorgestelde nieuwe onderwijs-, opleidings- en
jeugdprogramma Erasmus voor iedereen”.

In het academisch jaar 2011/2012 zullen meer dan 250 000 studenten deelnemen
aan het Erasmus-programma. De populairste bestemmingen voor studenten zullen
naar verwachting Spanje, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Italië zijn,
terwijl waarschijnlijk uit Spanje, Frankrijk, Duitsland, Italië en Polen het grootste
aantal studenten naar het buitenland zal trekken. De EU heeft voor de periode
2007-2013 ongeveer 3 miljard euro voor Erasmus uitgetrokken. In “Erasmus voor
iedereen” worden alle huidige EU- en internationale regelingen op het gebied van
onderwijs, opleiding, jeugd en sport samengebracht en de zeven bestaande
programma’s vervangen door één programma. Dit verbetert de efficiëntie, maakt
het gemakkelijker om beurzen aan te vragen en gaat overlappingen en
versnippering tegen. Het doel van het nieuwe programma is om tot 5 miljoen
mensen, bijna tweemaal zo veel als nu, een kans te geven om in het buitenland te
studeren, een opleiding te volgen of te doceren. Het voorstel van de Commissie
wordt momenteel besproken door de lidstaten en het Europees Parlement, die
vervolgens beslissen over het uit te trekken budget.

Evenementen in het kader van de viering.

De viering van het vijfentwintigjarig bestaan van Erasmus gaat vandaag in Brussel
van start met een conferentie waarbij de effecten van het programma worden
geëvalueerd en over de toekomst wordt gediscussieerd. Op 9 mei organiseert
Denemarken, dat in de eerste helft van 2012 het voorzitterschap van de EU vervult,
samen met de Europese Commissie in Kopenhagen een vervolgconferentie. Ook in
de andere lidstaten worden in het kader van het jubileum evenementen
georganiseerd.

Veel van deze evenementen worden opgeluisterd door de “Erasmusambassadeurs”
uit de 33 landen die aan het programma deelnemen. Uit elk land
wordt één student en één personeelslid gekozen als ambassadeur, op basis van de
impact die Erasmus op hun werk en hun privéleven heeft gehad; zij hebben als
taak andere studenten en docenten aan te moedigen de kans te grijpen om hun
leven te veranderen en hun blikveld te verruimen. Tijdens de conferentie van
Kopenhagen in mei zullen zij het “Erasmusmanifest” presenteren, waarin zij hun
visie geven op de richting waarin de regeling zich in de toekomst kan ontwikkelen.
Achtergrond

Het Erasmus-programma is in 1987 van start gegaan met 3 244 jonge,
avontuurlijke studenten die studie-ervaringen opdeden in de elf landen die
oorspronkelijk aan het programma deelnamen. Thans omvat het programma
33 landen: de 27 EU-lidstaten, Kroatië, IJsland, Liechtenstein, Noorwegen,
Zwitserland en Turkije.

In de afgelopen 25 jaar zijn het aantal studenten en de kwaliteit en de diversiteit
van de aangeboden activiteiten in het kader van het programma voortdurend
toegenomen. Docenten en ander personeel, zoals de voor internationale
betrekkingen verantwoordelijke universiteitsmedewerkers, die vaak het eerste
contactpunt voor potentiële Erasmus-studenten zijn, kunnen eveneens EUondersteuning ontvangen om in het buitenland te doceren of een opleiding te
volgen – in 2010/2011 waren dit er bijna 40 000.

Sinds 2007 worden via Erasmus stageplaatsen in bedrijven in het buitenland
ondersteund, en deze worden steeds populairder. Tot nu toe hebben al bijna
150 000 studenten een beurs hiervoor ontvangen. In 2009/10 kozen 35 000
studenten (een zesde van het totale aantal) voor een stageplaats. Dit was een
stijging van 17% ten opzichte van het voorafgaande jaar.

25e  verjaardag Erasmus